Aan de slag met kernwoorden in de praktijk

Kernwoorden vormen een belangrijke basis voor communicatie. Je gebruikt ze in veel verschillende situaties gebruiken, daarom zijn ze ook belangrijk binnen ondersteunde communicatie (OC). Door kernwoorden zelf te gebruiken en voor te doen, help je iemand ontdekken wat woorden betekenen.

Kernwoord in de prakijk: helpen!

Kernwoorden zijn woorden die vaak terugkomen in allerlei situaties. Zoals 'helpen'. In de video laten we zien hoe je dit woord op verschillende momenten kunt inzetten.

Kijk mee en probeer het zelf eens uit. 👇 Hoe zet jij het kernwoord 'helpen' in?

Hoe kies je een passende kernwoordenkaart?

Bij het kiezen van een passende kernwoordenkaart is het belangrijk om de visuele en motorische mogelijkheden van de persoon leidend te laten zijn. De grootte van de vakjes en dus ook de hoeveelheid vakjes op een kaart moeten aansluiten bij wat iemand goed kan zien en gericht kan aanwijzen, pakken of wijzen.

Een kaart met veel plaatjes kan op het eerste gezicht ingewikkeld lijken. Toch betekent meer plaatjes niet automatisch dat de kaart cognitief moeilijker is. Wanneer iemand de verschillende plaatjes goed kan zien en gebruiken, kan een uitgebreide kaart juist meer mogelijkheden. Je hebt dan meer woorden beschikbaar om te zeggen wat je wilt, tegen wie je iets wilt zeggen, wanneer je iets wilt zeggen en op welke manier.

Kijk daarom niet alleen naar hoeveel plaatjes er op een kaart staan, maar vooral naar de vraag: kan deze persoon de kaart goed zien, de gewenste plaatjes gebruiken? Vanuit daar kun je bepalen welke indeling en knopgrootte het beste passen.

De kaarten zijn bedoeld als laagdrempelige ondersteuning van communicatie. Gebruik ze tijdens een activiteit, een spel, het voorlezen of een dagelijks moment. En vergeet daarbij niet: de kaart is er niet om alleen naar te kijken. Gebruik de kaart samen. Praat, wijs aan en geef ruimte om te reageren. Dat noem je ook wel modelleren! 

  • Een kaart met veel kernwoorden

    Deze kaart (© PCS) biedt een brede basis met veelgebruikte kernwoorden. In het midden is ruimte om zelf woorden toe te voegen die passen bij een bepaalde activiteit of context. Denk bijvoorbeeld aan zelfstandige naamwoorden of specifieke werkwoorden die dan belangrijk zijn.

  • Een kaart met grotere vakken

    Op deze kaart (© PCS) staan de kernwoorden wat groter afgebeeld en het zijn er wat minder. Ook hier is ruimte om woorden toe te voegen die passen bij de activiteit. Zo ontstaat een combinatie van algemene woorden en woorden die specifiek bij de situatie passen.

  • Een kaart om communicatie uit te lokken

    Deze kaart bevat de woorden ‘nog een keer’ en ‘klaar’. Knip ze dus uit en zet ze in! Deze woorden kunnen helpen om een interactie op gang te brengen en iemand uit te nodigen om aan te geven wat hij of zij wil. Wil je nog een keer of ben je  juist klaar? 

Meer lezen over kernwoorden?

  • Hoe kies je uit duizenden woorden?

    “Welke woorden kies ik? Welke woorden kunnen het best in de spraakcomputer gezet worden?". Hoe kies je uit duizenden woorden? Lees meer over kernwoorden.

    Opleiding

Wil je verder lezen of praktisch aan de slag? 

Bekijk deze informatie en hulpmiddelen: